Andaliman peper

€ 5,25
Inclusief belasting

Deze aromatische, scherpe besjes zijn afkomstig van de ’wilde’ andaliman. Ze zijn afkomstig van Sumatra, één van de weinige plekken ter wereld waar de Zanthoxylum acanthopodium - een stekelige boom - voor komt. Hij groeit er uitsluitend in het wild.

Inhoud
  • Beveiligingsbeleid Beveiligingsbeleid
  • Leveringsbeleid Leveringsbeleid
  • Retourbeleid Retourbeleid

Andaliman
Zanthoxylum acanthopodium
SUMATRA, INDONESIE

Andaliman is een gesteeld peperbesje uit Indonesië, ook wel de Batakpeper genoemd. De aroma's van de andaliman zijn zo complex, dat het wel getypeerd wordt als een fruitige all-spice met een zuur accentje. Maar daarmee wordt deze fijne pepersoort, de citroenigste onder de citruspepertjes ernstig tekort gedaan.

De scherpte ontleent besje aan sanshool, een stof die zorgt voor een aangename prikkelende tinteling op het puntje van je tong. Andaliman is familie van de citrus, vandaar het uitgesproken citrusaroma. Prominenter dan in de nauw verwante citruspepers szechuanpeper, timur en sansho.

De Zanthoxylum acanthopodium groeit in het wild behalve op Sumatra incidenteel elders in Zuidoost-Azië, en wordt niet verbouwd. De belangrijkste vindplaatsen zijn de omgeving van het Toba meer, Noord-Tapaluni en het eiland Samosir. De besjes worden er het hele jaar door geoogst, met een hoogseizoen in maart.

Andaliman wordt het hele jaar door geoogst, met het hoogseizoen in maart. Voor een kilogram gedroogde andaliman is acht kilogram verse bessen nodig. Andaliman bevat overigens behalve de kleine steeltjes altijd ook veel takjes, en de zaadjes natuurlijk, die anders als bij sansho bijvoorbeeld niet verwijderd worden. Omdat ze niet bitter zijn.

Het besje wordt al vele eeuwen door de Bataks gebruikt, lang voordat de Indonesische archipel kennis maakte met de chilipeper. De Batakkeuken is bekend om zijn scherp gekruide gerechten. Geen gerecht, zeker niet bij een ceremonie zoals een bruiloft of er staan gerechten op het menu waarin andaliman is verwerkt. Op Sumatra noemt men het pepertje niet andaliman maar intir-intir, wat citroenpeper betekent. Op Bali is de benaming tabia bun.

Combinaties: citrus (kafirblad), sereh, kokos, korianderblad, curryblad, exotisch fruit, gevogelte, schaaldieren, schelpen.

Gebruik:
Zowel in de Batakkeuken als in de Balinese keuken wordt deze peper in zijn geheel heel of gemalen gebruikt in kruidige gerechten zoals gulais. Typische Batak-gerechten zijn Sambar andaliman, Arsik ikan khas en Saksang ayam.

De hele pepers kunnen gebruikt worden in stoofgerechten zoals gulais en in chutneys. Omdat de schilletjes houtig zijn, verdient het aanbeveling om in fijne bereidingen de zaden te gebruiken en niet de schilletjes en de takjes. Je kunt deze eventueel in een zakje doen, zodat ze later gemakkelijk verwijderd kunnen worden. In meer rustieke bereidingen is de gemalen hele andaliman - schil, zaad en takjes tezamen  - niet te versmaden.

Algemeen advies 
Om de aroma's van de besjes het best tot hun recht te laten komen, dient andaliman op het laatste moment gemalen te worden en op het laatste moment aan een gerecht toegevoegd te worden, en bij voorkeur niet mee gekookt te worden. Uitzonderingen hierop bevestigen de regel.

Wanneer u andaliman op een droge, donkere en redelijk koele plaats bewaart, behoudt deze minstens twee jaar zijn aroma’s. De houdbaarheidsdatum op de verpakking is een indicatie. Eenmaal gemalen peper behoudt circa drie maanden zijn aroma, daarna loopt de kwaliteit gemiddeld snel achteruit.

F004ID-P30

Eigenschappen

Origine
Indonesië
Botanische naam
Zanthoxylum acanthopodium
Ingrediënten
100% Andalimanpeper
Ten minste houdbaar tot
04/2022
Allergenen advies
Bevat geen allergenen
Verpakkingswijze
Naar keuze pouch, glas of testbuisje

No customer reviews for the moment.

Zie ook